Werk je vaak in opdracht als kunstwerker en ben je professioneel aan de slag? Dan maak je misschien aanspraak op het kunstwerkattest en de kunstwerkuitkering. Deze nieuwe regels vervangen het oude kunstenaarsstatuut en bieden je een aantal interessante voordelen.

Er zijn in België 3 statuten waarbinnen je kan werken. Je kan aan de slag als werknemer, zelfstandige of ambtenaar. Het Kunstenaarsstatuut heeft met andere woorden nooit echt bestaan. Dit was een voordeelregel in de werkloosheid waarmee je uitkering niet daalt in de tijd en je dus financieel kan terugvallen op die vaste uitkering in creatieperiodes. Vanaf 1 januari 2024 zal je een ‘kunstwerkattest plus’ of ‘starter’ nodig hebben om aanspraak te maken op de voordeelregels in de werkloosheid via een kunstwerkuitkering.

Voor wie?

In deze nieuwe regels staat de kunstwerker centraal. Dat wil zeggen dat niet enkel een kunstenaar hierop aanspraak maakt, maar iedereen die “een noodzakelijke artistieke bijdrage levert aan een artistieke creatie of uitvoering”. Zo kan ook wie technisch of ondersteunend werk verricht, zoals een curator, ook aanspraak maken op het kunstwerkattest en de bijhorende voordeelregels.

Belangrijk om te weten is dat de kunstwerkuitkering enkel interessant is als je opdrachten doet als beeldend kunstenaar of kunstwerker. Als je vooral werk verkoopt, is het niet mogelijk zijn om een kunstwerkuitkering aan te vragen aangezien je hiervoor niet ingeschakeld kan worden als werknemer.

Hoe maak je aanspraak op het kunstwerkattest en de kunstwerkuitkering?

Om toegang te krijgen tot die voordeelregels, heb je vanaf 1 januari 2024 een kunstwerkattest nodig. Dit attest vraag je aan via Working In The Arts. De kunstwerkcommissie beoordeelt alle aanvragen en kent de attesten toe. Je zal bij je aanvraag je professionele activiteit als kunstenaar moeten aantonen. Je zal moeten aantonen dat je activiteiten als kunstenaar voor een deel in je levensonderhoud kan voorzien. Hiervoor wordt gekeken naar de voorbije 5 jaar. Er zijn drie versies van het kunstwerkattest, elk met een aantal specifieke voorwaarden.

Het kunstwerkattest

  • Dit attest geeft je geen toegang tot een kunstwerkuitkering, maar maakt het wel mogelijk om aan de slag te gaan als primostarter wanneer je zelfstandige bent of wil worden. Hiermee kan je 8 kwartalen genieten van een verlaagde sociale bijdrage. Meer daarover lees je hier.
  • Daarnaast zal je het kunstwerkattest ook nodig hebben om met artikel 1bis te werken.
  • Ten slotte kan je met een kunstwerkattest jezelf op een eenvoudige manier laten vergoeden in auteursrechten wanneer je een creatieve opdracht verricht.

Om het kunstwerkattest aan te vragen moet je de voorgaande 2 jaar minstens €1.000 verdiend hebben met artistieke activiteiten.

Het kunstwerkattest plus

  • Dit attest geeft je toegang tot alle voordelen die hierboven staan.
  • daarbovenop heb je ook toegang tot de kunstwerkuitkering (meer daarover hieronder).
  • Bij de aanvraag van dit attest zal je een minimumbedrag moeten kunnen voorleggen dat je verdiende met artistieke activiteiten. Bij een eerste aanvraag is dat:
    • 13.546 euro bruto in een periode van 5 jaar
      of
    • 5.418 euro bruto in een periode van 2 jaar.
  • Bij een verlenging is dat:
    • 4.515 euro bruto in een periode van 5 jaar.
      of
    • 2.709 euro bruto in een periode van 3 jaar.

Het kunstwerkattest starter

Dit attest is specifiek in het leven geroepen voor startende kunstenaars die nog geen ervaring kunnen voorleggen. Met het kunstwerkattest starter maak je aanspraak op alle voordelen van het kunstwerkattest plus, maar dit voor 3 jaar in plaats van 5 jaar. Als starter kan je genieten van soepelere voorwaarden:

  • Je moet een diploma hoger voltijds kunstonderwijs of relevante opleiding of gelijkwaardige ervaring in de sector kunnen voorleggen.
  • Je legt een bewijs voor van deelname aan één van de volgende trajecten:
    • een vormingstraject waarbij je je laat begeleiden bij het ontwikkelen van een loopbaan-, financieel- of ondernemingsplan;
    • een opleiding in het hoger onderwijs waarbij je een loopbaan-, financieel- of ondernemingsplan ontwikkelt;
    • een zelf uitgewerkt loopbaan-, financieel- of ondernemingsplan om tijdens de duurtijd van je startersattest een professionele loopbaan in de kunsten uit te bouwen.
  • In de 3 voorgaande jaren moet je minstens 5 activiteiten of minstens 300 euro bruto via artistieke activiteiten verdiend hebben.
  • Je maakt enkel aanspraak op het attest starter als je nog nooit een kunstwerkattest hebt gehad en je niet voldoet aan de voorwaarden voor het bekomen van een gewoon kunstwerkattest of een kunstwerkattest “plus”.

De kunstwerkuitkering

Met een kunstwerkattest plus of starter maak je aanspraak op de kunstwerkuitkering. Dat wil zeggen dat je recht hebt op een uitkering en dat deze, in tegenstelling tot een gewone werkloosheidsuitkering, niet zal dalen in de tijd. Je zal ook niet opgeroepen worden door VDAB of Actiris om op zoek te gaan naar werk. Om de uitkering te ontvangen toon je als kunstwerker (ongeacht je leeftijd) aan dat je 156 dagen gewerkt hebt in een periode van 24 maanden.

Vanaf 1 januari 2024 is er geen onderscheid meer tussen artistieke en niet-artistieke prestaties voor de werkloosheidsreglementering.

De kunstwerkuitkering bedraagt 60 % van het brutoloon dat je ontvangen hebt tijdens de laatste tewerkstelling van minstens vier opeenvolgende weken bij dezelfde werkgever (met een loongrens van maximum 3.199,26 euro en minimum 1.954,99 euro).  Heb je geen vier weken bij dezelfde werkgever gewerkt, dan wordt de uitkering berekend op basis van je brutoloon tijdens het kwartaal voorafgaand aan je aanvraag.

De kunstwerkuitkering vraag je aan via je uitbetalingsinstelling (ACV, ACLVB, ABVV, HVW).

Wil je nog meer weten? Bekijk dan zeker het uitgebreide webinar van Cultuurloket of download de handleiding van Working In The Arts.

20.12.2023