Wat ongebrand blijft, heeft alleen maar bestaan.
Een kaars leeft niet door heel te blijven.
Ze leeft in het langzaam verdwijnen,
in was die vloeibaar wordt
en licht dat groter is dan haarzelf.
Wat ongebrand blijft,
heeft alleen maar bestaan.
Het raakt de essentie van wat het betekent om echt te leven, in plaats van alleen maar te bestaan. De metafoor is heel krachtig: Het lichaam als kaars en de ziel als vlam. Het herinnert ons eraan dat ons fysieke bestaan eindig is, maar dat het de passie, de ervaringen en de bezieling zijn die betekenis geven aan die tijd. Liever branden dan in het donker zitten. Kiezen voor het risico, de intensiteit en de schoonheid van het leven, zelfs met de wetenschap dat het eindig is en pijn kan doen, boven een veilig maar gevoelloos en 'ongebruikt' bestaan.
Techniek
Materiaal