Pages Between Spaces: Houda Ben Azzouz over het HUP-effect
Als information designer en curator is Houda Ben Azzouz al langer geboeid door kunstenaarsboeken. Ze is geïnteresseerd in de uiteenlopende vormen die ze kunnen aannemen en de manier waarop ze een artistieke praktijk zichtbaar maken.
‘Tijdens de workshops en ontmoetingen van HUP merkte ik dat andere deelnemers dezelfde interesse in kunstenaarsboeken hadden’, vertelt Houda. ‘Waarom zijn zoveel kunstenaars door dit format geboeid? Hoe leggen ze de link met hun eigen praktijk? Zijn er verbanden te leggen tussen de boeken waaraan wij werkten? Die vragen brachten we samen tijdens het traject en krijgen een mooi vervolg in de tentoonstelling die we binnenkort samen presenteren.’
In Pages Between Spaces, dat op 3 november in de Gentse Kunstenbibliotheek opent, ontdek je de kunstenaarsboeken van Tato Greve, Lucrecia Wang Jaramago, Miranda Pastor, Kaat Van Kerckhoven en Houda Ben Azzouz. Ze tonen elk op hun manier hoe een kunstenaarsboek zich verhoudt tot de praktijk van de maker. Hoe kunnen papier, vormgeving, materiaal en de opeenvolging van pagina's mee betekenis geven aan een werk?
‘Een kunstenaarsboek gaat over meer dan woorden of beelden’, legt Houda uit. ‘Ook de vormgeving, het papier en de manier waarop je door de pagina’s beweegt, spelen een belangrijke rol. Er zitten heel wat ruimtelijke en zintuiglijke aspecten aan vast.’
Een boek is voor haar dan ook veel meer dan een opeenvolging van pagina’s. ‘De manier waarop een boek is ingebonden, de materialen en de vormgeving dragen allemaal betekenis’, vertelt ze. ‘Als je een gewoon boek leest, ben je een lezer. Bij een kunstenaarsboek beweeg je je langs de pagina’s en stap je telkens een nieuwe ruimte binnen.’
Ook in haar eigen werk zoekt Houda die verbinding tussen publicatie en beeldende kunst. Haar kunstenaarsboek vertrekt vanuit haar onderzoek naar het pigment Ivory Black. De foto's die ze van het pigment maakte, verschijnen in de publicatie als witte beelden op zwart papier. Zo wordt het boek een soort negatief van het werk dat ze tijdens het toonmoment van HUP02 presenteerde. De publicatie en het beeldend werk gaan met elkaar in dialoog.
HUP: ruimte voor je werk
De tentoonstelling is ook een mooi vervolg op HUP02. Ze zet niet alleen het werk van vijf deelnemers in de kijker, maar toont ook wat samenwerking en begeleiding kunnen betekenen voor een kunstenaar.
Voor Houda zit de betekenis niet alleen in het eindresultaat, maar vooral in de uitwisseling die het traject mogelijk maakte. Voordien zag ze zichzelf vooral als grafisch vormgever en curator. Door de gesprekken en feedback tijdens HUP02 begon ze haar praktijk op een andere manier te bekijken. De begeleiding door kunstenaar Barbara Mydlak speelde daarin een belangrijke rol. ‘Ik ontdekte dat het mooie aan een kunstenaarspraktijk is dat die de vorm kan aannemen die jij eraan geeft’, vertelt Houda. ‘Ook mijn onderzoekende manier van werken en aandacht voor ruimte kunnen een volwaardige plaats krijgen in mijn kunstenaarspraktijk.’
Barbara’s adviezen hielpen haar bovendien om bewuster na te denken over de manier waarop ze werk toont. ‘Ik vond het altijd moeilijk om de relatie tussen ruimte, papier, grafisch ontwerp en fotografie te vertalen naar hoe ik mijn werk zelf maak en toon’, zegt Houda. ‘Welke rol spelen licht en presentatie? Hoe ga je om met de ruimte waarin je werk presenteert? Tijdens HUP02 werd ik aangemoedigd om daar bewuster over na te denken.’
Voor Houda was het belangrijk om de kansen die het traject bood actief te benutten: door gesprekken aan te gaan, ideeën te delen en zelf initiatief te nemen. Zo groeide uit een interesse in kunstenaarsboeken een tentoonstelling die ook buiten het traject een vervolg kreeg.
Haar ervaring laat zien dat een ontwikkelingstraject niet voor iedereen hetzelfde hoeft te betekenen. 'Het kan een aanleiding zijn om nieuw werk te maken, om anders naar je praktijk te kijken of om samen met andere kunstenaars iets op poten te zetten', besluit Houda. 'Wat je eruit haalt, hangt ook af van wat je zelf inbrengt.'